Renovatie zwembad en nieuwe sporthal in Grave unaniem akkoord

08/02/2026

Unaniem raadsbesluit voor MFA in de Sint-Vincentiuskerk in Velp

11/02/2026

‘Als je applaus wil, dan moet je in het circus gaan werken’

11/02/2026

Willy Hendriks-van Haren, huidig wethouder van Land van Cuijk voor Team Lokaal staat op plek 50 van onze kieslijst. De Maasdriehoek heeft haar recent geïnterviewd. Lees het hele interview met Willy Hendriks-van Haren in De Maasdriehoek van 3 februari 2026.

Willy Hendriks, bij het oude raadshuis van Oeffelt. © Ten Haaf Fotografie

Willy Hendriks-van Haren neemt na de gemeenteraadsverkiezingen van 28 maart afscheid van de Land van Cuijkse politiek. De politica uit Oeffelt is dan dik 35 jaar actief geweest als raadslid en wethouder. “Ik ben nooit iemand geweest die met haar vuist op tafel slaat. Maar als ik vind dat een voorstel goed is, verdedig ik het met hand en tand”, onderstreept de bijna 72-jarige Hendriks-van Haren.

Hendriks-van Haren is, ‘zo voelt het’, bezig aan haar afscheidstournee. “Overal waar je op werkbezoek gaat, is het de laatste keer. Zoals laatst bij de Dorpsraad van Haps, toen ik bloemen kreeg. Als je weet dat je gaat, werk je naar je afscheid toe. Maar ik heb lang pijn gevoeld dat ik mijn afscheid bekend maakte. Tegelijkertijd besef ik dat ik niet meer de jongste ben. Het wordt ook tijd om het stokje over te dragen.”

Dat stokje had Hendriks-van Haren vast in maar liefst drie verschillende gemeenten. Zo begon ze in 1990 als raadslid in de oude gemeente Oeffelt. “Ik heb drie fusies meegemaakt. Eerst toen Oeffelt zich voegde bij Boxmeer, niet veel later toen Vierlingsbeek erbij kwam en natuurlijk de fusie tot het Land van Cuijk vier jaar geleden. Dat was de gemakkelijkste herindeling van de drie. We deden natuurlijk als vijf gemeenten al veel samen, maar het bleek al snel beter om één kapitein op het schip te hebben. Sinds we het Land van Cuijk zijn, zijn we bestuurlijk een stuk sterker geworden.”

Komen en gaan
Haar werkzaamheden namens het Land van Cuijk staan in flink contrast met haar eerste schreden in de politiek, zegt Hendriks-van Haren. “Er was in Oeffelt in 1990 nauwelijks sprake van beleid. Er werkten achttien mensen. Politiek was toen nog heel overzichtelijk. Als je de wethouder wilde spreken, dan belde je gewoon aan. In Boxmeer werd het allemaal al professioneler. De afgelopen jaren stonden volledig in het teken van harmonisatie, maar mijn eerste periode als wethouder in Boxmeer was de meest leerzame”, zegt Hendriks-van Haren, die actief was namens verschillende dorpslijsten en sinds 2022 wethouder is namens Team Lokaal (een samenvoeging van lokale partijen uit de vijf oude gemeenten, red.).

Ze zegt stellig: “De gemeenteraad is de baas en ik voeg me naar de meerderheid. Als je aan de voorkant beleid maakt, kan het altijd zijn dat de raad iets anders wil. Als je overtuigd bent van je voorstel, dan moet je alles op alles zetten om draagvlak te creëren. Maar als de raad wil dat een boom op de kop de grond in moet, dan doe ik dat. Toen ik begon, was er nog sprake van monisme. Je was raadslid en wethouder tegelijk en stemde dus ook mee over je eigen besluiten. Dat is een paar jaar later anders geworden.”

Hendriks-van Haren heeft verschillende wethouders zien komen en gaan. Zeker in Boxmeer maakte ze soms woelige tijden mee. Zelfs opstappen heeft ze nooit overwogen. “Wethouder is een ervaringsvak. Je moet het leren. Ook, of misschien wel juist, bij tegenslag moet je doorgaan. In mijn eerste periode als wethouder in Boxmeer (1998-2002) stapte het hele brandweerkorps van Vierlingsbeek op. Twintig vrijwilligers die van de ene op de andere dag ermee stopten, waardoor de brandweer verdween in een grote kern. In die tijd ben ik tien jaar ouder geworden”, vertelt ze. “Een ander dieptepunt was het vertrek van Jos de Graaf als wethouder in 2013. Het was een fijne collega.”

Hand en tand
“Ik sta voor mijn beleid en ben bereid dat met hand en tand te verdedigen”, typeert Hendriks-van Haren haar werkwijze. “Ik heb altijd in goede harmonie met collegeleden kunnen werken. Onze gemeentesecretaris zei me eens: ‘Het is bijzonder hoe fijn jullie met elkaar omgaan.’ Hij had bij andere gemeenten meegemaakt dat wethouders elkaar het licht in de ogen niet gunden. Maar ik ga nog steeds lunchen met collega’s uit de vorige raadsperiodes in Boxmeer. Als je een vriendschappelijke relatie onderling hebt, dan kom je veel gemakkelijker tot steun binnen een college, want je gunt elkaar nu eenmaal meer. Ik ben niet het type dat snel met de vuist op tafel slaat. Gelukkig heb ik dat maar zelden gehoeven.”

Ze verduidelijkt: “Elke maandagmorgen drinken we als college van B en W eerst een bak koffie met elkaar om het weekend door te spreken en te bespreken wat er komende week op de agenda staat. Dat koffiemomentje hebben we bewust ingevoerd. Alleen als je informeel met elkaar door één deur kunt, kom je formeel tot bredere steun. In die zin ben ik ook heel blij met de ambtenaren waarmee ik de afgelopen 35 jaar heb samengewerkt. Je doet het uiteindelijk samen. Zonder ambtelijke steun kun je helemaal niets.”

‘Ben geen feminist’
Hendriks-van Haren is geen uitsproken feminist. Toch was ze in allerlei opzichten de allereerste vrouw. Als voorzitter van VV De Zwaluw en uiteindelijk ook als wethouder. “Ik weet nog dat ik in een vergadering kwam en mijn voorganger werd bedankt voor het koffieschenken. Nou, ik heb meteen gezegd: ‘Ik schenk alleen koffie als ik aan de beurt ben.’ Ik was de eerste vrouwelijke wethouder in Boxmeer. Het waren andere tijden in 1998. Dik 25 jaar geleden was het nog bijzonder. Maar het heeft mij nooit in de weg gestaan om mijn werk of functie goed te kunnen uitvoeren.”

Terugkijkend op 35 jaar politiek, stelt ze ‘altijd het gevoel te hebben gehad dat ik breed werd gedragen door de gemeenteraad’. “Als raadsleden niet instemmen met een besluit vanwege de persoon, dan gaat het mis. Emiel Roemer heeft me wel eens linkser dan de SP genoemd, maar VVD’ers noemen me rechts. Volgens mij heb je het dan prima gedaan”, lacht Hendriks-van Haren. Trots is ze vooral dat ze de WMO en Jeugdzorg goed heeft weggezet toen de landelijke overheid in 2015 besloot om zorgtaken bij gemeenten neer te leggen. “Dat zijn zaken die mensen direct raken en waarmee je dus een verschil kunt maken. We hebben een hoge tevredenheidsscore. We hebben voldoende aanbieders en bieden veel ondersteuning. Niet alleen voor professionele zorg en hulp-in-de-huishouding, maar bijvoorbeeld ook voor het Parkinson Café en mantelzorg. Dat we al deze zaken op een goed niveau hebben geregeld in het Land van Cuijk, maakt me trots. Daar ligt mijn hart ook”, legt ze uit.

De afgelopen vier jaar heeft Hendriks-van Haren zich hard gemaakt voor ‘een MFA in elke kern’. “En dat is gelukt. Voor de leefbaarheid in een dorp is het van groot belang dat er een plek is waar je elkaar kunt ontmoeten en verenigingen samenkomen. Ook ben ik heel blij dat we erin geslaagd zijn om alle sportverenigingen in Cuijk op één lijn te krijgen, waardoor er een nieuw sportpark gerealiseerd gaat worden.”

‘Blijf jezelf’
Hendriks-van Haren heeft nog enkele tips voor haar opvolgers. “Ten opzichte van mijn beginjaren wordt er in de huidige politiek teveel geluisterd naar de bezwaarmakers of degenen die het hardste roepen. Besturen is besluiten nemen. En die zijn soms impopulair. Toen Boxmeer in 2011 ruim 2,5 miljoen euro moest bezuinigingen, hebben we dat ook gewoon gedaan. Iedereen boos, maar achteraf krijg je begrip.” Ze lacht eens en zegt: “Als je applaus wil, moet je in ‘t circus gaan werken. Wethouder is de prachtigste baan om te hebben. Ik heb het altijd fijn gevonden om iets voor de gemeenschap te kunnen doen. Je kunt nooit iedereen tevreden stemmen. Maar als je jezelf blijft en je bent bereid om draagvlak te creëren voor je besluiten, dan kom je een heel eind.”

Ze benadrukt tot slot: “De eensgezindheid en de bereidheid om de schouders eronder te zetten, zijn mijns inziens de grote krachten van het Land van Cuijk. Mijn opvolger komt wat dat betreft in een gespreid bed terecht.”

© De Maasdriehoek, Martijn Schwillens.

Recente nieuwsberichten