Het is een bekend gegeven: bij veel woningbouwprojecten is er veel meer vraag dan aanbod.
Dat veel woningbouwprojecten in fases gepland worden die soms jaren uit elkaar liggen, wekt  vertraging in de hand. Willem van Haren: “Het verdelen van projecten in fases is jammer, omdat het daardoor langer duurt voordat er echt gebouwd wordt. Mensen die willen wonen, zijn meestal bereid te wachten, zolang ze maar weten dat ze een stuk grond of woning kunnen krijgen. Als we de fasering loslaten of sneller maken, kunnen bouwprojecten sneller klaar zijn. Ook krijgen kopers dan sneller duidelijkheid. Ten slotte moeten mensen die zich voor de eerste fase van een woningproject hebben ingeschreven, voorrang krijgen bij de volgende fasen.”

Een andere oorzaak van vertraging is dat de procedures voor woningbouwplannen vaak lang duren. Gemeenten moeten volgens de Omgevingswet een gemeentelijk omgevingsplan maken. Door deze wet kunnen ze kiezen voor een eenvoudiger systeem, zoals een melding in plaats van een vergunning. Dit scheelt veel tijd, omdat er bij een melding geen bezwaar of beroep mogelijk is.

Nog een probleem is dat in steeds meer huurwoningen van de woningstichtingen mensen van   buiten onze gemeente komen wonen. Daartegenover staat dat inwoners die al lange tijd in een dorp/kern wonen, moeilijk een passende huurwoning kunnen vinden in hun eigen dorp/kern. Willem van Haren: “In het eigen dorp geboren en getogen, maar straks geen plek meer om te wonen. Dat is helaas de realiteit voor steeds meer jonge mensen en ouderen die hun wortels hebben in hun eigen dorp of stad. Waarom zouden juist deze inwoners geen voorrang krijgen? Waarom moeten jongeren die hier hun schooljaren hebben doorgebracht en zich inzetten voor lokale verenigingen straks wegtrekken naar een ander dorp, terwijl wildvreemden, zonder enige binding met het dorp probleemloos een sleutel krijgen?”

Dat huurwoningen niet naar eigen inwoners gaan heeft dus veel gevolgen: jongeren moeten noodgedwongen uitwijken naar andere dorpen of steden voor hun eigen woning. Ouderen kunnen moeilijk doorstromen naar geschikte woningen in hun eigen buurt. En gezinnen moeten te lang in te kleine of ongeschikte woningen blijven wonen, door tekort aan huurwoningen in hun eigen buurt. Dit alles leidt tot meer frictie in wijken of dorpskernen en heeft ook gevolgen voor de leefbaarheid, want lokale verenigingen, scholen en vrijwilligersorganisaties verliezen leden en betrokkenheid.

Daarom heeft Team Lokaal een motie ingediend voor een huisvestigingsverordening. Deze regelt verschillende zaken. Het zorgt ervoor dat woningen niet alleen naar de hoogste bieders gaan. Zo krijgen sociale huurders en starters ook een kans op een goede woning. Daarnaast kunnen er regels komen om speculatie, leegstand en ongewenste verhuur te voorkomen, zoals te veel mensen in één woning of malafide huisjesmelkers. Door regels te maken over wie in bepaalde woningen mag wonen, kan de gemeente zorgen voor een gevarieerde en evenwichtige buurt. Ook wordt zo eerlijk verdeeld wie in schaarse gebieden kan wonen. Corné Tak: “We willen dat er overal gebouwd wordt, óók in de kleine kernen. Voorrang voor mensen uit eigen dorp helpt ook mee om de kleine kernen leefbaar te houden.”

Ons voorstel heeft het uiteindelijk helaas niet gehaald.  Maar Team Lokaal blijft als lokale partij opkomen voor onze eigen inwoners. Dat is ons huiswerk.